This site uses cookies in order to function as expected. By continuing, you are agreeing to our cookie policy.
Agree and close

News Blog uit Bonn over innovatie financiering nr 2: over Noorse wolven en Nederlandse hamsters

Arthur Eijs, secretaris van de Taskforce Biodiversiteit neemt deel aan de workshop Innovatieve Fianance, georganiseerd door de Duitsers samen met CBD en TEEB. Kijk en luister mee via zijn digitale dagboek.

Source Taskforce Biodiversiteit & Natuurlijke Hulpbronnen
Release date 28/01/2010

Na een frisse ochtendwandeling langs de Rijn naar de UN-campus, waar het hoofdkwartier van TEEB is gevestigd en de workshop wordt gehouden, weer volop in de discussies gedoken. Vandaag niet in de groep over fiscale hervormingen (punt gisteren gemaakt) maar in de groep over meeliften op klimaatgelden. Hoe kunnen we zorgen dat REDD+ zoveel mogelijk co-benefits voor biodiversiteit oplevert? En hoe gaan we dan om met de vrijwillige ‘premium’vormen, de zogenoemde.green REDD - credits. De groep wordt voorgezeten door Katia Karousakis, van het OESO-secretariaat. Ze is binnen OESO-ENV de expert op economische instrumenten voor klimaat en biodiversiteit. Ook in de groep: Bente Herstad, directeur van het Noorse NORAD, en nauw betrokken bij de Noorse investeringen in REDD.
In de discussies komen vier prioriteiten naar boven:
a) Het bevorderen (door de CBD) van nationale en regionale ruimtelijke planning, kartering van koolstofrijke gebieden, gebieden met specifieke biodiversiteitswaarden, ecosysteemdiensten etcetera. Economische waardering van die verschillende assets levert vervolgens een ruimtelijk beeld van de prioritaire gebieden op, waar een geïnvesteerde dollar of euro meerdere doelen dient.
b) Communicatie, onder het motto ‘het kan niet genoeg worden benadrukt hoe nauw klimaat en biodiversiteit verweven zijn.’
c) In het leven roepen van expertgroepen en Technical Assistance Units, die specifieke adviezen kunnen geven over het realiseren van mitigatie en/of adaptatie door middel van behoud en duurzaam gebruik van biodiversiteit.
d) De mogelijkheid van co-financiering: het betalen van een kleine premie op de normale REDD-credit-prijs om daarmee een extra stukje bescherming aan biodiversiteit te geven. In dat kader levert onze discussie bijna automatisch een aanbeveling op om verder te kijken dan bossen en koolstof: een Green Development Mechanisme dus.


Met de Noorse dame praat ik bij een kopje koffie door. Niet over koetjes en kalfjes, maar over wolven en hamsters. Ik val van mijn stoel van verbazing als ik hoor dat de Noren in een verhit debat verwikkeld zijn over de wolvenpopulatie. Die neemt weer toe, maar het jachtinstinct van de Noorse vikingen is ontwaakt en men popelt ‘om de populatie in bedwang te houden.’ Twee argumenten: de populatie is eigenlijk verbonden met populaties in Rusland en daar stikt het van de wolven en hebben ze meer ruimte. Ik biecht op dat deze redenatie me bekend voorkomt: in Nederland passen we die toe op de laatste korenwolven. Laat de Duitsers die maar beschermen.Het tweede argument is nog bloedstollender: de wolven maken schapen dood op een ‘niet humane manier!’ Bijgekomen van het lachen vraag ik nog of mijn collega een grapje maakt, maar nee. Daar gaat mijn beeld van de Noren als dicht bij de natuur staande milieuvrienden.

‘s Middags beginnen de mensen die hier zijn, mede vanwege het Green Development Mechanisme, toch wat nerveus te worden. Er gaat heel veel tijd zitten in groepsdiscussies over allerlei zaken die weinig meerwaarde opleveren. Zo dreigen we Bonn te verlaten zonder goede discussie over het GDM. Met pijn en moeite halen we de facilitator over een zevende breakout-groep toe te staan voor het GDM. Met als resultaat dat we een uur lang met zeventig procent van alle aanwezigen discussiëren over dit mechanisme. Prima! In de discussie blijkt veel enthousiasme. De business case wordt onderschreven. De noodzaak om iets drastisch te bedenken voor het dichten van de financieringskloof ook. Eén suggestie is om het model van klimaat te kopieren, waarbij veertig landen een International Working Group on Interim Finance for REDD hebben opgezet. Zo kan nu al actie worden ondernomen en zonder de internationale akkoorden af te wachten.
Er zijn ook wel bedenkingen. De naam doet mensen aan het CDM denken en dat is voor sommigen positief, voor anderen (bijv Afrikanen) negatief, omdat het CDM veel papierwerk is met soms een lage slagingskans. Ook wordt aangegeven dat we eerst moeten kijken hoe we bestaande mechanismen, zoals het GEF kunnen verbeteren, wat overigens ook onze bedoeling is. En er wordt geconstateerd dat een eerste fase niet ‘market based’ kan, zolang er geen geaccepteerde currency is voor biodiversiteitscredits. Werk aan de winkel dus! Daarbij komt dat we merken dat mensen in de discussie toch graag een idee hebben waar het GDM straks geld vandaan haalt. Onze pogingen om de discussie eerst te voeren over nut en noodzaak moet dus worden geconcretiseerd, en dat heeft allerlei afbreukrisico’s, omdat de manieren om internationaal nieuw geld los te krijgen nu eenmaal controversieel zijn. We spreken af dat we morgen een aantal mogelijkheden gaan bespreken. Onze zorgen over te weinig aandacht zijn dus verdwenen: drie werkgroepen komen met het advies iets als een GDM in de benen te helpen, we hebben een werksessie met grote belangstelling en morgen mogen we wéér aan de bak. Nice!

Arthur